Je hoort het regelmatig:
ongeveer 70% van je immuunsysteem zou in je darmen zitten.
Het is een opvallende uitspraak. En ergens klinkt het misschien ook vreemd. Want je immuunsysteem zit toch door je hele lichaam?
Dat klopt.
Het immuunsysteem bestaat uit veel verschillende onderdelen. Immuuncellen bevinden zich onder andere in het bloed, de lymfeklieren, milt, huid, luchtwegen, beenmerg en slijmvliezen. Je kunt het immuunsysteem daarom niet eenvoudig aanwijzen als één orgaan dat voor 70% in je buik ligt.
Toch komt die bekende uitspraak niet helemaal uit de lucht vallen.
Rondom de darm bevindt zich namelijk een bijzonder grote hoeveelheid immuunweefsel en immuuncellen. Dat is logisch wanneer je bedenkt wat er iedere dag in je darmen gebeurt.
Voedsel komt binnen. Voedingsstoffen moeten worden opgenomen. Miljarden micro-organismen leven in het darmkanaal. Tegelijkertijd kunnen we via voeding en onze omgeving ook in contact komen met micro-organismen en andere lichaamsvreemde stoffen.
De darm staat daardoor voortdurend voor een bijzondere uitdaging.
Wat mag worden doorgelaten?
Wat kan zonder problemen worden getolereerd?
En wanneer is een afweerreactie nodig?
Juist daarom zijn darm en immuunsysteem zo nauw met elkaar verbonden.
In deze blog leg ik uit wat er werkelijk achter die bekende 70%-uitspraak zit, wat GALT, de darmbarrière en IgA zijn en waarom een gezond immuunsysteem niet alleen moet kunnen reageren, maar ook moet weten wanneer het juist rustig kan blijven.
Je darm is veel meer dan een plek waar voedsel wordt verteerd
Wanneer we aan onze darmen denken, denken we meestal eerst aan de spijsvertering.
Dat is natuurlijk een belangrijke functie.
Voeding wordt verteerd, voedingsstoffen worden opgenomen en onverteerbare resten reizen verder door het darmkanaal.
Maar tegelijkertijd gebeurt er iets anders.
De darm vormt een enorm contactoppervlak tussen de buitenwereld en de binnenkant van ons lichaam.
Alles wat zich in het darmlumen bevindt, is namelijk nog niet werkelijk opgenomen in het lichaam.
Een voedingsstof komt pas echt in onze interne omgeving terecht wanneer deze de darmbarrière passeert.
Dat betekent dat de darmwand iedere dag in contact staat met een enorme hoeveelheid materiaal.
Voedingsbestanddelen, bacteriën, virussen, schimmels en allerlei andere moleculen komen langs dezelfde grens.
Toch kunnen we niet alles buiten houden.
Voedingsstoffen moeten juist worden opgenomen.
De darm moet daarom tegelijkertijd toegankelijk én beschermend zijn.
En dat vraagt om een bijzonder verfijnd systeem.
De darmbarrière is geen simpele muur
De term darmbarrière kan de indruk geven dat er ergens in de buik een soort gesloten muur staat.
In werkelijkheid is het veel dynamischer.
De darmbarrière bestaat uit verschillende lagen en verdedigingsmechanismen die voortdurend met elkaar samenwerken.
Aan de binnenkant bevindt zich onder andere een slijmlaag. Daaronder ligt het darmepitheel, een laag gespecialiseerde darmcellen die samen een belangrijke grens vormen.
Ook immuuncellen, antistoffen, antimicrobiële stoffen en de micro-organismen in de darm spelen mee.
Je kunt de darmbarrière daarom beter zien als een levende en selectieve grens.
De darm moet voedingsstoffen kunnen opnemen en tegelijkertijd voorkomen dat ongewenste stoffen zomaar ongecontroleerd naar binnen gaan.
Dat evenwicht is een belangrijk onderdeel van de normale darmfunctie.
Wat betekent GALT?
Een belangrijk begrip wanneer we het over darm en immuunsysteem hebben, is GALT.
GALT staat voor:
Gut-Associated Lymphoid Tissue
oftewel:
darm-geassocieerd lymfoïde weefsel.
Dit is gespecialiseerd immuunweefsel dat verbonden is met het maag-darmkanaal.
Het omvat verschillende structuren en grote aantallen immuuncellen die zich in en rondom de darmwand bevinden.
Daaronder vallen bijvoorbeeld Peyerse platen, geïsoleerde lymfefollikels en lymfoïde structuren in de appendix. Daarnaast bevinden zich verspreid door het darmslijmvlies veel verschillende immuuncellen.
Al deze onderdelen helpen het lichaam voortdurend informatie te verzamelen over wat er in het darmkanaal aanwezig is.
En juist die voortdurende controle helpt verklaren waarom de darm immunologisch zo belangrijk is.
Peyerse platen: controleposten in de dunne darm
In de dunne darm bevinden zich groepen lymfefollikels die Peyerse platen worden genoemd.
Je kunt ze enigszins vergelijken met controleposten.
Speciale cellen helpen materiaal uit het darmlumen beschikbaar te maken voor het onderliggende immuunsysteem.
Daar kunnen immuuncellen informatie krijgen over wat zich in de darm bevindt.
Dat is belangrijk, want het immuunsysteem moet niet alleen ziekteverwekkers kunnen herkennen.
Het moet ook leren omgaan met grote hoeveelheden materiaal waarop géén krachtige afweerreactie nodig is.
En daarmee komen we bij misschien wel een van de belangrijkste functies van het immuunsysteem in de darm.
Een goed immuunsysteem moet ook kunnen tolereren
Wanneer we over weerstand praten, klinkt een zo sterk mogelijk immuunsysteem misschien ideaal.
Maar biologisch gezien is dat niet het doel.
Een gezond immuunsysteem moet vooral goed gereguleerd zijn.
Iedere dag komen er via voeding allerlei lichaamsvreemde eiwitten en andere moleculen in het darmkanaal terecht.
Daar hoeft het immuunsysteem niet voortdurend heftig op te reageren.
Hetzelfde geldt voor de enorme hoeveelheid micro-organismen die normaal gesproken in onze darm leven.
Het darmimmuunsysteem staat daarom steeds voor dezelfde afweging:
moet ik reageren of kan ik dit tolereren?
Dat vermogen om onschuldige stoffen te verdragen wordt immunologische tolerantie genoemd.
Tolerantie betekent niet dat het immuunsysteem niets doet.
Juist het herkennen dat géén krachtige reactie nodig is, is onderdeel van een goed gereguleerd afweersysteem.
Dat is een belangrijk verschil.
Bij weerstand gaat het dus niet simpelweg om:
hoe sterker, hoe beter.
Het gaat om:
op het juiste moment reageren en op het juiste moment rustig blijven.
De slijmlaag vormt een eerste beschermende zone
Bovenop de darmcellen bevindt zich slijm.
Deze slijmlaag is veel meer dan alleen een glad laagje waardoor de darminhoud gemakkelijker verder kan bewegen.
Het slijm vormt ook een belangrijke beschermende zone tussen de darminhoud en het darmepitheel.
Vooral in de dikke darm is dit interessant.
Daar leven enorme aantallen micro-organismen. Het is niet wenselijk dat al deze bacteriën voortdurend rechtstreeks tegen de darmcellen aan liggen.
De slijmlaag helpt afstand te creëren tussen veel van deze micro-organismen en de darmwand.
Samen met antistoffen, antimicrobiële stoffen, darmcellen en immuuncellen vormt dit een verfijnd verdedigingssysteem.
Wat zijn tight junctions?
De darmwand bestaat uit cellen die nauw naast elkaar liggen.
Tussen deze cellen bevinden zich eiwitcomplexen die vaak tight junctions worden genoemd.
Je kunt ze zien als regelbare verbindingen tussen naburige darmcellen.
Ze helpen bepalen welke stoffen tussen de cellen door kunnen bewegen.
Belangrijk is dat tight junctions geen vastgelijmde voegen zijn die altijd precies hetzelfde blijven.
Ze zijn dynamisch en worden beïnvloed door allerlei biologische signalen.
De darmbarrière is daardoor geen passieve muur, maar een actief gereguleerd systeem.
Dat onderwerp krijgt in een volgende blog binnen deze reeks nog veel meer aandacht wanneer ik inga op de populaire term ‘lekkende darm’ en wat daarmee wetenschappelijk eigenlijk wordt bedoeld.
IgA: bescherming op het slijmvlies
Een andere belangrijke speler in de darm is immunoglobuline A, meestal afgekort tot IgA.
IgA is een antistof die veel voorkomt op onze slijmvliezen.
In de darm speelt vooral secretoir IgA een belangrijke rol.
Deze antistof kan zich binden aan micro-organismen en andere antigenen in het darmlumen en helpt zo de interactie tussen de darminhoud en het slijmvlies te reguleren.
Het interessante is dat bescherming niet altijd een grote ontstekingsreactie hoeft te betekenen.
IgA kan helpen om micro-organismen onder controle te houden zonder dat het immuunsysteem voortdurend zwaar geschut hoeft in te zetten.
Dat past precies bij de bijzondere taak van de darm:
beschermen zonder voortdurend ontstoken te raken.
Aangeboren en verworven afweer werken samen
In en rondom de darm vinden we verschillende onderdelen van zowel de aangeboren als de verworven afweer.
De aangeboren afweer vormt een snelle eerste verdedigingslinie. Daarbij zijn onder andere verschillende soorten immuuncellen, antimicrobiële stoffen en fysieke barrières betrokken.
De verworven afweer kan veel specifieker reageren en immunologisch geheugen ontwikkelen. Daarbij spelen onder andere T-cellen, B-cellen en antistoffen een belangrijke rol.
In de darm moeten deze systemen heel nauwkeurig samenwerken.
Te weinig reactie kan ongewenste micro-organismen meer ruimte geven.
Maar een onnodig sterke reactie tegen onschuldige voedingsbestanddelen of normale darmbewoners is evenmin wenselijk.
Juist die voortdurende regulatie maakt het darmimmuunsysteem zo bijzonder.
En dan zijn er nog de darmmicro-organismen
In het darmkanaal leeft een enorme gemeenschap van micro-organismen.
Deze gemeenschap noemen we de darmmicrobiota.
Daaronder vallen onder andere bacteriën, maar ook virussen, schimmels en andere micro-organismen.
Ze zijn niet simpelweg passagiers die toevallig in onze darm wonen.
Er vindt voortdurend interactie plaats tussen deze micro-organismen, de darmwand en het immuunsysteem.
Darmbacteriën kunnen bijvoorbeeld stoffen produceren tijdens hun stofwisseling.
Een bekend voorbeeld zijn korteketenvetzuren, zoals acetaat, propionaat en butyraat, die kunnen ontstaan wanneer bepaalde darmbacteriën fermenteerbare koolhydraten verwerken.
Vooral butyraat is interessant omdat het onder andere als energiebron kan dienen voor bepaalde cellen van de dikke darm en betrokken is bij processen rondom de darmbarrière en immuunregulatie.
Zo ontstaat een bijzondere keten:
voeding → darmmicro-organismen → microbiële stoffen → darmwand → immuunsysteem
Maar dit onderwerp verdient eigenlijk een eigen blog.
In de volgende blog binnen deze reeks kijken we daarom uitgebreider naar darmflora en weerstand.
Waarom zit er zoveel immuunweefsel rondom de darm?
Wanneer we alles bij elkaar zetten, wordt het antwoord eigenlijk logisch.
De darm is een van de belangrijkste plaatsen waar onze interne omgeving voortdurend in contact staat met materiaal uit de buitenwereld.
Iedere dag komen daar voedingsbestanddelen en enorme hoeveelheden micro-organismen langs.
Tegelijkertijd moet de darm voedingsstoffen opnemen.
Het lichaam kan daarom niet simpelweg alles blokkeren.
Er is voortdurend controle nodig.
De darm moet kunnen herkennen, selecteren, tolereren, opnemen en waar nodig reageren.
Daarvoor beschikt het lichaam rond de darm over een uitgebreid netwerk van barrières, immuuncellen, antistoffen en gespecialiseerd lymfeweefsel.
Dat is de biologische werkelijkheid achter de bekende uitspraak over die 70%.
Maar klopt die 70% dan echt?
Dit verdient een duidelijk antwoord.
Niet als exact anatomisch percentage.
De uitspraak dat ongeveer 70% van het immuunsysteem zich in de darm bevindt, wordt veel gebruikt en vergelijkbare schattingen komen ook in wetenschappelijke publicaties voor.
Maar het immuunsysteem is geen afzonderlijk orgaan dat je kunt wegen en vervolgens netjes kunt verdelen in percentages.
Het bestaat uit cellen, weefsels, organen, barrières, antistoffen en signaalstoffen die verspreid door het hele lichaam samenwerken.
Bovendien hangt een percentage af van wat je precies meet.
Hebben we het over bepaalde immuuncellen?
Over lymfoïde weefsels?
Over immuunactiviteit?
Of over alle onderdelen van het immuunsysteem samen?
Daarom zou ik niet zeggen:
precies 70% van je immuunsysteem zit in je darm.
Ik zou het zo formuleren:
de darm is een van de grootste en belangrijkste immunologische contactgebieden van het lichaam en bevat een zeer grote hoeveelheid immuunweefsel en immuuncellen.
De bekende 70% helpt vooral om duidelijk te maken hoe belangrijk die rol is.
Wat heeft voeding hiermee te maken?
Omdat voeding iedere dag rechtstreeks met het darmmilieu in aanraking komt, is het logisch dat het voedingspatroon onderdeel is van dit verhaal.
Daarbij kijk ik liever naar het geheel dan naar één voedingsmiddel dat zogenaamd je weerstand zou ‘boosten’.
Een gevarieerd voedingspatroon met bijvoorbeeld groenten, fruit, volkorenproducten, peulvruchten, noten, zaden, passende eiwitbronnen en verschillende vetbronnen levert vitamines, mineralen, vezels en allerlei andere voedingsstoffen.
Vooral de vezels zijn interessant voor de relatie tussen voeding en darmmicro-organismen.
Verschillende soorten vezels worden namelijk op verschillende manieren verwerkt.
Sommige ondersteunen vooral de stoelgang, terwijl andere door darmbacteriën kunnen worden gefermenteerd.
Daarbij kunnen onder andere de eerder genoemde korteketenvetzuren ontstaan.
Dat betekent niet dat één vezelrijk voedingsmiddel ineens je immuunsysteem verandert.
Het laat vooral zien hoe voeding, microbiota en darmomgeving met elkaar verbonden zijn.
Variatie is belangrijker dan één superfood
Wanneer we begrijpen hoe complex het darmecosysteem is, wordt ook duidelijk waarom ik weinig zie in het idee van één wondermiddel voor de darmweerstand.
Het gaat niet om iedere ochtend hetzelfde zogenoemde superfood.
Variatie is veel interessanter.
Denk bijvoorbeeld aan afwisselen tussen volkoren granen, groenten, fruit, peulvruchten, noten en zaden.
Zo komen verschillende soorten vezels en plantenstoffen in het voedingspatroon terecht.
Ook gefermenteerde voedingsmiddelen kunnen onderdeel zijn van een gevarieerd voedingspatroon wanneer iemand deze goed verdraagt.
Dat betekent niet dat iedereen dagelijks kefir, kimchi of zuurkool nodig heeft.
Meer is niet automatisch beter en persoonlijke tolerantie blijft belangrijk.
Welke voedingsstoffen zijn belangrijk voor het immuunsysteem?
Verschillende vitamines en mineralen dragen bij aan de normale werking van het immuunsysteem.
Denk onder andere aan vitamine A, B6, B12, C en D, folaat, zink, selenium, ijzer en koper.
Dat betekent niet dat hoge doseringen van deze voedingsstoffen voor een steeds sterkere weerstand zorgen.
Bij voedingsstoffen gaat het in de eerste plaats om voldoende beschikbaarheid.
Een tekort kan normale lichaamsprocessen verstoren.
Maar meer dan voldoende is niet automatisch beter.
Voor deze blog vind ik vooral vitamine A interessant, omdat deze vitamine niet alleen bij de normale werking van het immuunsysteem betrokken is, maar ook bij het behoud van normale slijmvliezen.
Daarmee zie je opnieuw hoe voeding, barrière en afweer elkaar raken.
Heb je supplementen nodig voor je darmweerstand?
Niet automatisch.
Er bestaan veel supplementen die worden aangeboden rondom darmgezondheid en weerstand.
Denk aan probiotica, prebiotica, vitamines, mineralen, aminozuren en allerlei plantenextracten.
Maar er bestaat geen universeel supplement waarmee je het deel van het immuunsysteem rond de darm simpelweg kunt ‘boosten’.
Bij probiotica is bijvoorbeeld de specifieke bacteriestam belangrijk. Resultaten van onderzoek naar de ene stam kun je niet automatisch toepassen op een andere bacterie in een ander product.
Ook vitamines en mineralen gebruik ik liever gericht dan volgens het principe ‘meer weerstand betekent meer supplementen’.
Voeding vormt de basis.
Een supplement kan daarop een aanvulling zijn wanneer daar een goede reden voor bestaat.
Slaap, stress en beweging horen ook bij het verhaal
De darm werkt niet los van de rest van het lichaam.
Slaap, zenuwstelsel, hormonen, immuunsysteem en spijsvertering beïnvloeden elkaar voortdurend.
Veel mensen merken bijvoorbeeld dat stress invloed kan hebben op hun buik.
Dat is niet vreemd.
Darmen en hersenen communiceren voortdurend met elkaar via wat vaak de darm-hersenas wordt genoemd.
Stress kan onder andere invloed hebben op eetgedrag, slaap, darmbeweging en de manier waarop darmprikkels worden ervaren.
Ook regelmatige beweging en voldoende slaap horen daarom bij een gezonde basis.
Niet omdat één wandeling of één goede nacht je darmimmuunsysteem ineens verandert, maar omdat gezondheid uit veel samenwerkende processen bestaat.
Een gezonde darm is geen perfecte darm
Online kan het soms lijken alsof ieder opgeblazen gevoel, iedere vermoeide dag of iedere verkoudheid betekent dat de darmflora uit balans is.
Zo eenvoudig ligt het niet.
Darmklachten komen veel voor en kunnen veel verschillende oorzaken hebben.
Ook bestaat er niet één perfecte samenstelling van het darmmicrobioom die voor iedereen hetzelfde is.
Daarom zou ik voorzichtig zijn met conclusies zoals:
ik ben vaak verkouden, dus mijn darmflora is slecht.
Of:
ik heb een opgeblazen buik, dus mijn immuunsysteem werkt niet goed.
Het lichaam is veel complexer.
Juist daarom vind ik het belangrijk om naar het totaalplaatje te kijken.
Wat kun je zelf doen om een gezonde basis te ondersteunen?
Je kunt niet voorkomen dat je ooit een infectie krijgt en je kunt je immuunsysteem niet simpelweg steeds sterker maken.
Wel kun je omstandigheden ondersteunen die passen bij een normale darm- en immuunfunctie.
Daarvoor zijn geen ingewikkelde darmkuren nodig.
Een gevarieerd en grotendeels volwaardig voedingspatroon is een goede basis. Varieer met groenten, fruit, volkorenproducten, peulvruchten, noten en zaden en zorg voor voldoende eiwit.
Ook verschillende vezelbronnen zijn waardevol.
Daarnaast horen voldoende slaap, regelmatig bewegen, tijd voor herstel en aandacht voor langdurige stress bij het totaalplaatje.
Supplementen gebruik ik liever gericht, passend bij de persoonlijke situatie, het voedingspatroon en eventuele aangetoonde of aannemelijke tekorten.
Het klinkt misschien minder spectaculair dan een snelle ‘darmboost’.
Maar juist die dagelijkse basis is veel interessanter.
Wanneer verdienen darmklachten extra aandacht?
Een keer een opgeblazen gevoel of tijdelijk een veranderde stoelgang hoeft niet direct iets ernstigs te betekenen.
Aanhoudende of ernstige klachten verdienen wel verdere beoordeling.
Denk bijvoorbeeld aan langdurige diarree, bloed bij de ontlasting, onbedoeld gewichtsverlies, hevige of terugkerende buikpijn, nachtelijke darmklachten, aanhoudende veranderingen in het ontlastingspatroon of duidelijke voedingsstoffentekorten.
Voeding en leefstijl kunnen het welzijn ondersteunen, maar vervangen medische diagnostiek niet.
Veelgestelde vragen
Zit echt 70% van je immuunsysteem in je darmen?
De uitspraak wordt veel gebruikt, maar moet niet als een exact universeel percentage worden gezien. Wel bevat de darm een zeer grote hoeveelheid immuunweefsel en immuuncellen en vormt het maag-darmkanaal een belangrijk immunologisch contactgebied.
Wat is GALT?
GALT staat voor Gut-Associated Lymphoid Tissue. Het is darm-geassocieerd lymfoïde weefsel en omvat verschillende immuunstructuren in en rondom de darm.
Wat zijn Peyerse platen?
Peyerse platen zijn groepen lymfefollikels in de dunne darm. Ze maken deel uit van het immuunsysteem rond de darm en helpen bij de interactie tussen materiaal uit het darmlumen en immuuncellen.
Wat doet IgA in de darm?
Secretoir IgA is een belangrijke antistof op slijmvliezen. In de darm helpt IgA de interactie tussen micro-organismen, antigenen en de darmwand te reguleren.
Hebben darmbacteriën invloed op het immuunsysteem?
Darmmicro-organismen en het immuunsysteem communiceren voortdurend met elkaar. Stoffen die door darmbacteriën worden geproduceerd kunnen bijvoorbeeld betrokken zijn bij processen rondom de darmbarrière en immuunregulatie.
Zijn vezels belangrijk voor de darm?
Verschillende soorten voedingsvezels hebben verschillende functies. Sommige fermenteerbare vezels kunnen door darmbacteriën worden verwerkt waarbij onder andere korteketenvetzuren ontstaan.
Heb ik probiotica nodig voor mijn weerstand?
Niet automatisch. Bij probiotica hangen mogelijke effecten onder andere af van de specifieke stam, dosering en toepassing. Een gevarieerd voedingspatroon blijft de basis.
Welke vitamines ondersteunen de normale werking van het immuunsysteem?
Onder andere vitamine A, B6, B12, C en D en folaat dragen bij aan de normale werking van het immuunsysteem. Ook mineralen zoals zink, selenium, ijzer en koper spelen hierbij een rol.
Betekenen darmklachten dat mijn weerstand slecht is?
Nee. Darmklachten kunnen veel verschillende oorzaken hebben. Een opgeblazen gevoel of veranderde stoelgang betekent niet automatisch dat het immuunsysteem niet goed functioneert.
Wil je persoonlijk kijken naar wat bij jou past?
Ik ben Annet van AGS-Orthomoleculair. In mijn begeleiding kijk ik samen met jou naar voeding, leefstijl en supplementen op een rustige en praktische manier.
Heb je vragen over je voeding, darmgezondheid of weerstand? Dan kan ik met je meekijken naar je voedingspatroon, vezelinname, dagelijkse gewoonten en supplementen die je gebruikt of overweegt.
Daarbij kijk ik niet naar één wondermiddel voor de darm, maar naar het geheel en naar wat praktisch bij jou past.
Tot slot
Dat zoveel immuunactiviteit rondom onze darmen is georganiseerd, is eigenlijk heel logisch.
De darm vormt iedere dag een enorm ontmoetingspunt tussen onze binnenwereld en de buitenwereld.
Voedingsstoffen moeten worden opgenomen.
Onschuldige voedingsbestanddelen moeten worden getolereerd.
Darmmicro-organismen leven voortdurend dicht bij onze weefsels.
En tegelijkertijd moet het lichaam alert kunnen reageren wanneer dat nodig is.
Daarvoor beschikt de darm over een indrukwekkend netwerk van slijm, darmcellen, tight junctions, immuuncellen, antistoffen en gespecialiseerd lymfeweefsel.
De bekende uitspraak dat ongeveer 70% van het immuunsysteem in de darm zit, helpt om het belang daarvan duidelijk te maken.
Maar het precieze percentage vind ik uiteindelijk minder interessant dan het biologische verhaal erachter.
Een gezond immuunsysteem hoeft namelijk niet voortdurend zo krachtig mogelijk te reageren.
Het moet kunnen herkennen, reguleren, tolereren en reageren.
En juist in de darm wordt die balans iedere dag opnieuw op de proef gesteld.
Daarom kijk ik bij weerstand niet alleen naar vitamines of supplementen.
Voeding, darmbarrière, microbiota, slaap, beweging en herstel maken allemaal deel uit van een groter geheel.
En één onderdeel daarvan hebben we in deze blog bewust nog maar kort aangeraakt:
de darmflora.
Want de micro-organismen die in onze darm leven staan voortdurend in contact met onze voeding, darmwand en afweer.
In de volgende blog kijken we daarom verder naar darmflora en weerstand en naar wat we werkelijk weten over de samenwerking tussen het darmmicrobioom en het immuunsysteem.